B
Bank
Een financiële dienstverlener die zijn bedrijf maakt van het buiten besloten kring ter beschikking verkrijgen van opvorderbare gelden van anderen dan professionele marktpartijen, en van het voor eigen rekening verrichten van kredietuitzettingen. (1:1 Wft) (Zie ook C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 257 - 258). Zie ook op deze site: kredietinstelling.
Bankensyndicaat
Een samenwerkingsverband van banken die gezamenlijk een uitgifte van obligaties door een uitgevende instelling begeleiden. Zie voor een dergelijke procedure: "Onderneming en Effecten", uit de reeks Onderneming en Recht, Aanbieding van effecten: enige opmerkingen over de spanning tussen regelgeving en praktijk, L.J. Hijmans van den Bergh, pagina 19.
Bankvergunning, waar geregeld
Artikel 2:11 Wft en volgende.
Basisprospectus
Dit document bevat alle informatie die ook in de prospectus is te vinden met uitzondering van de definitieve voorwaarden van de effecten. Zie artikel 5:16 Wft.
Begrippen in het effectenverkeer, waar kan ik uitleg vinden
Zie hiervoor onder meer: http://vladeracken.nl/index.php?option=com_content&task=blogcategory&id=10&Itemid=10#W
Belegger, classificatie daarvan in de Wft
In de Wft worden diverse soorten classificatie gehanteerd om beleggers in te delen naar professionaliteit:
- client
- consument
- gekwalificeerde belegger
- professionele marktpartij
- professionele belegger
- institutionele belegger
Zie voor een verdere behandeling hiervan: Mw. mr. F.M. Schlingmann, "Kernbegrippen Wft I, Onderneming en financieel toezicht, Serie Onderneming en Recht deel 40, 2007, p. 87 e.v.
Belegger in de zin van de Wge
Een belegger in de zin van de Wge moet worden gezien als een mede-eigenaar van de totale voorraad effecten zoals deze zich bevindt in het girodepot en in het voordepot van de aangesloten instelling. "Het Wge-aandeel: een recht op naam van eigen aard", E.B. Rank-Berenschot uit de bundel Onderneming en effecten uit de reeks Onderneming en Recht, deel 13, pagina 159.
Beleggersbescherming, vormen van
Dit is onder meer:
- adequate informatievoorziening
- beleggerscompensatiestelsel (zie artikel 3:258 Wft e.v.)
Beleggerscompensatieregling
Zie C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 546.
Beleggersgiro
Een register van deelnemingsrechten waarbij die deelnemingsrechten bij een derde worden ondergebracht. Deze derde is doorgaans een stichting. Zie "Onderneming en Effecten", uit de reeks Onderneming en Recht, Beleggersgiro: een effectenrechtelijke kameleon?, W. de Jong, pagina 53.
Beleggersrekening
Een rekening waarop financiële instrumenten van cliënten worden aangehouden. Zie C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 545, noot 517.
Beleggingsadvies
Zie Advies.
Beleggingsdienst, beleggingsactiviteit, verschil
Beleggingsdiensten worden voor derden verricht en beleggingsactiviteiten niet. Mw. mr. F.M. Schlingmann, "Kernbegrippen Wft I, Onderneming en financieel toezicht, Serie Onderneming en Recht deel 40, 2007, p. 80.
Beleggingsdienst, verlenen van, definitie, op wie gericht
In artikel 1:1 wordt een definitie gegeven van het "verlenen van een beleggingsdienst". Deze definitie ziet op de volgende categorieen:
- orderremisiers (sub a)
- commissionairs (sub b)
- handelaren voor eigen rekening (sub c)
- aanbieders van effectengiro´s (sub d)
- underwriters (sub e)
- marktonderhoudende partijen (sub f)
- plaatselijke ondernemingen (sub g)
- vermogensbeheerders (sub h)
Beleggingsinstelling, open-end, closed-end
Zie C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 81 e.v.). Zie ook op deze site: open-end.
Beleggingsinstelling, open-end, closed-end, tussenvormen
Zie mr. R.P. Raas, "Kernbegrippen Wft II, Onderneming en financieel toezicht, Serie Onderneming en Recht deel 40, 2007, p. 123.
Beleggingsonderneming, controleplicht op andere beleggingsondernemingen
Indien beleggingsondernemingen bepaalde diensten verleent aan cliënten die zijn aangebracht door een andere beleggingsonderneming, zal de eerder genoemde beleggingsonderneming in omschreven gevallen moeten nagaan of de tweede genoemde beleggingsonderneming voldoet aan bepaalde regels. Zie artikel 4:100 Wft.
Beleggingsactiviteiten of beleggingsdiensten in het buitenland, waar geregeld
Zie artikel 2:127 Wft en volgende.
Beleggingsadvies
Zie advies.
Beleggingsinstelling
Dit is een beleggingsmaatschappij of een beleggingsfonds. (C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 69).
Beleggingsobject
Zie artikel 1:1 Wft. Een voorbeeld van een beleggingsobject is een teakfonds. Zie ook (C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 34).
Beleggingsobject, regelgeving hierover
Dit is te vinden in onder meer artikel 4:30a Wft.
Bemiddelaar
Dit is een tussenpersoon die producten bemiddelt tussen de consument en de aanbieder van die producten. Dit begrip is nader uitgewerkt in de definitie "bemiddelen" in artikel 1:1 Wft. Onder bemiddelaar valt niet de bemiddelaar in financiële instrumenten. Zie daarvoor het desbetreffende begrip op deze site.
Bemiddelaar in financiële instrumenten
Dit is een partij die een beleggingsdienst verleent en nader wordt uitgewerkt bij het begrip "verlenen van een beleggingsdienst" in artikel 1:1 Wft. Voorbeelden van dit soort bemiddelaars zijn commissionairs en orderremisiers. Zie ook R.P. Raas, Kernbegrippen Wft II, Onderneming en financieel toezicht, Serie Onderneming en Recht deel 40, 2007, pagina 118.
Bemiddelen
Zie artikel 1:1 Wft.
Bemiddelen, als begrip in de Wft
In de volgende gevallen komt dit voor:
- bemiddelen bij aantrekken van opvorderbare gelden (zie artikel 4:3 lid 1 Wft), zie ook: (C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 253).
- als bemiddelaar van financiële producten (met uitzondering van financiële instrumenten), zie het desbetreffende begrip op deze site.
- als bemiddelaar van financiële instrumenten, zie het desbetreffende begrip op deze site.
Bemiddelen en adviseren, verschil
Bemiddelen beoogt het tot stand komen van een overeenkomst en adviseren niet. Zie het verschil in de verwoording van beide definities in artikel 1:1 Wft.
Beschermingsysteem effectenverkeer
Uitgangspunten zijn hierbij het volgende:
- verbod op aanbieden van effecten (zie artike 5.2 Wft)
- verbod op toelaten tot de handel van effecten op een gereglementeerde markt (zie artikel 5.2 Wft)
- verbod op aanbieden van deelnemingsrechten
- verbod op verrichten beleggingsdiensten
- verbod op verrichten beleggingsactiviteiten
- verbod op het houden van een gereglementeerde markt
- verbod op het gebruik van voorwetenschap
- verbod op marktmanipulatie
- verbod op aantrekken van opvorderbare gelden
Sommige van bovenstaande verbodsbepalingen gelden niet als men aan bepaalde regels voldoet (bijvoorbeeld het hebben van een vergunning). (C.M. Grundmann-van de Krol, Koersen door de Wet op het financieel toezicht, Tweede druk, p. 33).
Besloten kring, waar komt dit begrip nog voor
Besloten kring was een cruciaal begrip in het oude effectenrecht. Nu wordt dit begrip nog gebruikt in artikel 1:1 Wft en 3:5 Wft.
Besluit definitiebepalingen Wft
Hierin worden bepaalde definities uit de Wft uitgebreid of verder uitgewerkt. Zie: "De Wet op het financieel toezicht: functioneel toezicht van doelgericht wettelijk kader voorzien", Mw. mr. F.M. Schlingmann, Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie, 2007, 6718, onder "Het nieuwe begrippenkader; eenduidig en consistent?". Zie ook: http://www.dnb.nl/openboek/extern/id/nl/all/40-117195.html
Besluit Markttoegang financiële ondernemingen Wft
In dit besluit worden de vergunningeisen, zoals in deel 2 van de Wft geformuleerd, nader uitgewerkt. Zie: http://wetten.overheid.nl/BWBR0020413/geldigheidsdatum_06-04-2010
Best execution
Zie artikel 4:90a en 4:90c Wft. Hiervoor gelden meerdere criteria dan alleen de beste prijs.
Beursregels Euronext Amsterdam, waar informatie te vinden
Op de Euronext site en in het volgende artikel: Euronext Amasterdam - de nieuwe beursregels, mr. G.M. Warringa LL.M en mw. D.A.F. van der Stam, Tijdschrift voor Financieel Recht, 2005 - 8/9, pagina 240). zie voor de beursregels zelf op deze site onder: Euronext site, beursregels.
Bevoegde autoriteit
Zie Goedkeuringsbevoegdheid.
BGfo
Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen. (MB/RA)
Bijzondere zorgplicht van banken
De maatschappelijke functie van de bank brengt een bijzondere zorgplicht mee ten opzichte van derden met wier belangen zij rekening behoort te houden. De reikwijdte van deze zorgplicht hangt af van de omstandigheden van het geval. Zie de uitspraak van de Hoge Raad inzake World Online, HR27 november 2009. Een bijzondere zorgplicht geldt in ieder geval bij complexe en risicovolle financiële producten, zie: "Privaatrechtelijke aansprakelijkheid en financiële dienstverleners voor schenden van informatie-, onderzoeks- en waarschuwingsplichten en de Wet op het financieel toezicht" uit de reeks Verzekeringt en Schade, Aflevering 2009-2.
Bijzondere zorgplicht van banken, oudere uitspraken
De bijzondere zorgplicht is te vinden in diverse uitspraken sinds 1997. Onder meer in de uitspraak van de Hoge Raad, HR 9 januari 1998, NJ 1999, 285 met een noot van WMK; JOR 1998/116 met noot S.C.J.J. Kortmann (MeesPierson/Ten Bosch). Zie voor meer relevante uitspraken het boek Effecten van de Zorgplicht, Mr. M. van Luyn en Prof. Mr. C.E. du Perron, 2004, pagina 6, paragraaf 1.3.4.
Burgerlijk recht (BW) in verhouding tot het effectenrecht
Het BW bepaalt primair de rechten en verplichtingen van de deelnemers op financiële markten. Zie: "De Wet op het financieel toezicht: een overzicht", Prof. mr. S.E. Eisma, Ondernemingsrecht 2007, 1, paragraaf 6.2.
